NL EN

De sprong van klein naar groot

20/05/2019

Erik Moniquet

België is een KMO-land. Dat is al jaren zo. Op zich is daar ook niets mis mee. Kleine en middelgrote ondernemingen zijn vaak de drijvende kracht van een economie. De nieuwe wetgeving inzake de vennootschappen zou het ook eenvoudiger moeten maken kleine ondernemingen op te richten. 

Toch mogen we niet te positief zijn over het feit dat ons land zoveel kleine en middelgrote ondernemingen telt. Er zijn er immers te weinig die erin slagen uit te groeien tot grote ondernemingen die een multiplicatie worden voor waardecreatie. Zeer veel kleine ondernemingen blijven klein. En dat heeft economische gevolgen. De Nationale Bank voorspelt voor de komende periode een lagere economische groei dan de voorbije jaren. De inflatie staat – ondanks de zeer lage rentes – al maanden op 1,60%. Terwijl buurlanden als Nederland erin slagen een begrotingsoverschot van 12 miljard te creëren, kijken onze politici in een gat van 7,5 miljard EUR. Dit zijn geen gunstige omstandigheden om uit te groeien tot wereldspelers. 

Hoewel groei an sich niet het doel moet zijn, kan de vraag wel worden gesteld hoe het komt dat België – ondanks de omvang van het kapitaal dat in bijvoorbeeld start-ups wordt geïnvesteerd – vooral kleine en middelgrote bedrijven telt. Wat houdt de sprong van klein naar groot tegen? Zowel externe als interne omstandigheden spelen een rol. 

Extern

Marktomstandigheden hebben weldegelijk een impact op de wijze waarop bedrijven kunnen groeien. Industry 4.0 heeft het potentieel om traditionele sectoren compleet te veranderen en zelfs overbodig te maken. Dit maakt dat bedrijven die in het kleine of middelgrote segment zitten veel zullen moeten investeren om aan die uitdagingen het hoofd te bieden. Studies van onder meer McKinsey tonen aan dat de ‘endowment’ van een bedrijf – de slagkracht in termen van beschikbaar kapitaal – er weldegelijk toe doet om een verschil in de markt te kunnen maken en meerwaarde te creëren. De startpositie waarin veel KMO’s zitten om de toekomst aan te pakken is dus eerder negatief. 

Enige nuance is echter nodig. Als het op digitalisering en ICT-adoptie aankomt – de drijvende krachten achter Industry 4.0 – hinkt België achterop. De meest recente Global Competitiveness Index van het World Economic Forum plaatst België op de 40steplaats. Op dat vlak is er dus nog een hele weg af te leggen. Dat betekent ook dat de uitdagingen die Industry 4.0 met zich meebrengt voor veel KMO’s vandaag nog niet aan de orde zijn. De digitalisering is dus niet de enige reden waarom het niet zo eenvoudig is de sprong van klein naar groot te maken. 

Als het niet aan de veranderende markt ligt, dan moet het wel de economie zijn, toch? Niet helemaal. De economische omstandigheden doen ertoe. Begrijp ons niet verkeerd. Handelsoorlogen en economische vertraging scheppen geen ideaal klimaat. Echter, er zijn nog altijd bedrijven die erin slagen in ‘slechte’ economische omstandigheden waarde te creëren en de sprong te maken. Wat meer is, Bain & Company toonde enige tijd geleden al aan dat slechts iets meer dan 10% van de prestaties van bedrijven te verklaren is door externe omstandigheden. Dat betekent dat een aanzienlijk deel – zowat 90% - aan interne factoren te wijten is. 

Eigen verantwoordelijkheid

Als zowat 90% van de redenen waarom bedrijven de sprong niet maken intern te vinden is, stelt de vraag zich welke factoren dan doorslaggevend zijn. Hier is helaas heel veel, maar heel weinig specifiek onderzoek naar gedaan. Het is dus niet zo eenvoudig de interne redenen eenduidig aan te wijzen. Op basis van onze eigen ervaringen zien we drie belangrijke potentiële factoren die bedrijven ervan weerhouden de sprong te wagen en te maken. 

Ten eerste merken we dat (middel)grote bedrijven in Vlaanderen over het algemeen zeer trage beslissers zijn. Het is natuurlijk belangrijk weloverwogen beslissingen te nemen. Echter, snelheid doet ertoe. Op dat vlak is er nog veel progressie mogelijk. We merken dat die snelheid – of het gebrek daaraan – in verschillende beslissingen zit. We vinden dit terug in beslissingen over het aanpakken van problemen, in het omgaan met onderpresterende medewerkers en in het implementeren van oplossingen voor de gedetecteerde problemen.  Waar deze traagheid vandaan komt is niet eenduidig te besluiten. Voor een stuk is dit karakterieel en is er een grote variantie tussen bedrijfsleiders onderling. Wat volgens ons wel meespeelt is het negatieve neveneffect van een trage bureaucratie waar veel ondernemingen mee geconfronteerd worden. Dit straalt voor een stukje af op het eigen functioneren en de eigen prestaties. 

Ten tweede merken we dat veel kleine en middelgrote bedrijven hun strategie te weinig uitgekristalliseerd hebben. De wijze waarop ze meerwaarde in de markt creëren is vaak gedreven door gunstige omstandigheden of zeer goede sales. Te weinig zien we een heldere strategie die zeer geconcretiseerd het speelveld en de wijze waarop in dat speelveld zal gewonnen worden bepaalt. Hier liggen enorme opportuniteiten voor tal van KMO’s die de ambitie hebben de sprong te wagen naar de grote groei. 

Ten slotte merken we dat het soms ontbreekt aan ambitie bij het management. De groei die het bedrijf heeft toegelaten een bepaalde omvang aan te nemen wordt als voldoende beschouwd. Dit sijpelt door in de rest van de onderneming en maakt medewerkers tot op zekere hoogte complacent. Hier is een grote taak weggelegd voor eigenaars en bestuurders om voldoende kritisch te blijven tegenover de managers die hun organisaties leiden. Ook zelfreflectie is hierbij belangrijk. Wanneer de doelen die vooropgesteld worden te weinig uitdagend zijn kan dit zeer grote gevolgen hebben voor de groei en ontwikkeling van het bedrijf. Managers die vooropstellen met 2% per jaar te groeien ambiëren in feite stand still. 

Uiteraard zijn dit slechts drie factoren die we als potentiële hefbomen ervaren voor het verwijderen van obstakels om de sprong van klein naar groot te wagen en te maken. Om de slaagkansen van zo een sprong aanzienlijk te verhogen is het noodzakelijk de exacte hefbomen voor groei en profitability in uw bedrijf te kennen. Laat nu net dat zijn wat Moniquet & Company onderscheidt.